Week 51

23-12-2011 15:35

Weekverslag 51.

Terugziende op 2011, is het jaar letterlijk omgevlogen. Vorig jaar om deze tijd hadden we onze plannen gesmeed om een invulling te geven aan ons visplan om welke maanden te twinriggen en welk met de sumwing.  De visserijraad in Brussel had besloten om het scholquota te verhogen met 15%, wat voor ons alleen maar beter uit zou komen. Daarentegen werden de zeedagen weer verminderd, t.o.v. 2010, waar we onze zorg over uit spraken en niet wisten wat het brengen zou.

2011 is bruto gezien hoger uitgevallen dan de bruto besomming van 2010, jammer genoeg moesten we een drastische prijsstijging van de gasolie incasseren. Waardoor de netto besomming dus evengoed nog lager uitviel dan 2010. Dit zijn factoren waar we geen enkele input op hebben, maar van ons werd wel verwacht om te voorspellen wat we 2011 willen gaan  verdienen en uiteindelijk over te houden op 31 december 2011. Dit is en blijft een heel erg moeilijk punt om in de glazen bal te kijken wat het gaat worden, terwijl de wijze reken heren hier weinig tot geen begrip voor hebben (of niet willen hebben).

 We twinrigden 7 maanden met een olieverbruik van gemiddeld 17 ton gasolie per week. De overige 5 maanden visten we met de sumwing, waarvan het oliegebruik op 28 ton per visweek uitkwam.  Als we dit vergelijken met 6 jaar terug toen was het gebruik gemiddeld per week 42 ton gasolie, dus al met al gezien een hele reductie. Maar desondanks moet het huidige verbruik verder naar beneden, wat weer de nodige innovaties met zich mee brengt.

Ondanks alle technische en financiele  problemen mogen we evengoed tevreden terug zien op 2011. Als crew zijn we, ondanks alle gevaren die soms met slecht weer soms voor deden, gespaard gebleven voor verwondingen of dodelijke ongelukken. Dit is niet aan mensen te danken maar alle dank gaat naar God die ons behoede en bewaarde ervoor en gaf wat we nodig waren.

Nu aan de laatste visweek van het jaar gekomen zijnde, ligt er toch nog een flinke druk op ons. Dat is om het quota volledig vol te maken deze visweek, zodat we tussen kerst en oud en nieuw binnen kunnen blijven voor ons onderhoud aan het schip maar ook aan onze gezinnen. Uiteindelijk vissen we wekelijks om te kunnen leven, maar we leven niet om te kunnen vissen. Dit betekend niet dat we een hekel of iets dergelijks aan ons bijzondere beroep hebben, maar het is ook goed om eens (kort) afstand te doen van onze dagelijkse werkplaats en die tijd met het gezin door te brengen.

Zondagnacht vertrekken we dan uit Harlingen zo als zo vaak gebeurd is dit jaar.  Niet een werkweek van 35 uur maar minimaal het dubbele aan uren ligt er voor ons, en dit gaat dag en nacht door met af en toe een rustperiode.

Onder het stomen kunnen degenen die niet de wacht hebben dus slapen, voordat we op de visgronden zijn. Om de beurt houden we de wacht in de brug onder het stomen naar de visgronden, zodat we evengoed nog een redelijke normale nacht rust krijgen. Tijdens vissen is dit dus niet het geval dan moeten de netten om de 2 uur geleegd worden en de gevangen vis verwerkt worden en opgeslagen in het koelruim.

Maandag beginnen we op hetzelfde vislijntje waar we vorige week vrijdag gestopt zijn. De laatste trek was toen goed voor 15 kisten schol met 40 kilo zwartvis en 30 kilo tong, maar nu de eerste trek is het precies de helft . het enige verschil met vrijdag is dat de wind gedraaid is en komt uit noordwestelijke richting, en dat afgelopen weekend er een kleine storm overheen geweest is. Zo snel kan het dus veranderen.

Om te kijken hoeveel vis er op de bestanden zit, word er elk jaar op het precies dezelfde tijdstip met dezelfde vismethode  op vaste plaatsen gevist. Dus als het ene jaar de factoren gunstig zijn,  lijkt het of er meer vis op dat bestand zwemt. Word het jaar daarop dat weer zo gedaan, maar de wind is ongunstig of het weer is niet zo best dan kun je dus hele andere bestandcijfers krijgen. Hiermee word er dus elk jaar gekeken of het visbestand groeit of daalt, en met deze cijfers word uiteindelijk het te vangen quota bepaald.

Maar een visserijbedrijf is wel afhankelijk hoeveel vis er gevangen mag worden voor te behalen jaar besomming.  Als je een visserijbedrijf dan vergelijkt met een bijvoorbeeld een fabriek die stoelen maakt, is het dus soms moeilijk om een noodzakelijk resultaat te behalen.

Na wat in de rondte hier te hebben gezocht, komen we niet tegen wat we willen vinden. Dus gaan we over op plan B, en dat is noordoost in!! “de noord haalt uit”. Dinsdag is het weer aardig verslechterd, zoals voorspeld, maar woensdag valt de zee helemaal blak. De trekken noord in komen we niet veel tegen, en beginnen een klein beetje moedeloos te worden.  Op het punt dat we bezig zijn om een stukje zuid in te stomen, vallen we gelukkig met de neus in de boter.

Donderdagmorgen 3 uur halen we en komen er 2 mooie zakken met vis over, de eerste trek is goed voor 18 kisten schol met 30 kilo zwartvis en 20 kilo tong. De trekken daarop is alleen maar beter en vangen we zo gemiddeld 22-25 kisten schol met 30-45 kilo zwartvis met 20 kilo tong. We blijven hier vissen tot vrijdagmorgen, omdat we 170 mijl verwijderd zijn van het stortemelk gaan we zuid in vissen zodat we zolang mogelijk door kunnen vissen en niet te lang hebben te stomen.

Vrijdagavond houden we het eindelijk dit jaar dan voor gezien, en hebben we onze part vis ruim voldoende opgevist zodat we kerst en oud & nieuw kunnen gaan vieren. Na het binnen pakken van de netten en sumwings, stomen we het laatste stukje naar Harlingen waar we zaterdagmorgen binnen lopen en afmeren de bijna vaste plaats bij de visveiling.

Bij dezen wil ik alle lezers, volgers en belangstellenden hartelijk danken voor de reacties en het bezoeken van onze site www.bck40.nl . hopelijk was het tot genoegen om het wekelijkse verslag te volgen, en zo ook een beeld van het leven aan boord van een vissersschip te krijgen.  Bij leven en welzijn gaan we hier 2012 mee verder, en zullen proberen het snel mogelijk en actueel bij te houden.

Namens de crew van de “Quo Vadis” wens ik U en jullie gezegende kerstdagen een goed jaarovergang en voor 2012 alle goeds maar bovenal Gods onmisbare Zegen toe.

Johan Romkes (Johan@bck40.nl)